|
Excursie - 3de graad Tuinbouw - Dinsdag 18 november 2008
Snijchrysantenbedrijf Walcarius in Oeselgem
Vanaf dit najaar worden de stekken op het bedrijf zelf gestekt. Hiervoor laten ze onbewortelde stekken overkomen vanuit Tanzania en Oeganda. De onbewortelde stekken van Nederlandse stekbedrijven worden vervoerd per vliegtuig naar Schiphol of Oostende. Daarna worden ze per vrachtwagen (gekoelde) naar de klant gebracht. De stekken zitten verpakt per 50 in een plastiekzak en er zitten 1500 zakken per doos. De prijs van een stek ligt rond de 0,05 €. Eens aangekomen op het bedrijf worden de stekken in kleine persblokken gestoken. De persblokken worden machinaal op het bedrijf zelf gemaakt. Daarna kunnen de stekken bewortelen. De stekken bewortelen op eb- en vloedtafels onder plasticfolie. Als er worteltjes zichtbaar zijn wordt de plasticfolie van de stekken gehaald om Botrytis te voorkomen. Men behandelt de stekken ook met Rovral tegen Botrytis. De stekken staan bij zo’n 18 °C. ze stekken altijd op woensdag en zaterdag.
Wanneer de stekken goed beworteld zijn (na 15 dagen), worden ze uitgeplant in de serre. De paden worden zo klein mogelijk gehouden, zodat je er net nog tussen kan lopen. Dit zorgt voor meer netto plantruimte. Het planten gebeurd met een elektrische kar, waarop je met 2 personen kan liggen en planten terwijl je traag naar achter zal rijden. De kisten hebben een open zijde zodat men de bewortelde stekken er gemakkelijk kan uit schuiven. Na de beworteling worden de stekken uitgeplant (meestal) op maandag..
In de productieserre worden de stekken na het planten belicht met assimilatiebelichting. Er hangen 20 lampen van 600 watt per 300 m², dit is gelijk aan 5000 lux per m². In de nieuwe serre wordt er zelfs 8000 lux per m² belichjt er hangen er telkens 44 lampen per 700 m² Elke lamp heeft een vermogen van 1 000 watt. Om chrysanten in de zomer in bloei te krijgen moeten ze verduisterd worden (minimum 13 uur donker). Het verduisteren gebeurt met een verduisteringsdoek dat ’s nachts ook dient als energiedoek.
Net boven het gewas liggen er groeipijpen op de steundraad. Dit zijn verwarmingsbuizen die mee omhoog gaan met de groei van het gewas. De buizen worden via een motor telkens een beetje hoger gehangen, we noemen dit hijsverwarming. De maximumtemperatuur in deze buizen is 40 °C. Behalve de groeipijpen is er ook nog een bovenverwarming nodig. De watertemperatuur in deze buizen verschilt in temperatuur naargelang de gevraagde warmte.
Omdat een bedrijf als dit heel veel energie en warmte vraagt, maken ze gebruik van een warmtekrachtcentrale. Het te veel aan energie (elektriciteit) wordt verkocht aan het elektriciteitsnet. De warmte die wordt gevormd tijdens het opwekken van de elektriciteit wordt gebruikt voor de verwarming van de serres. Het te veel aan warmte wordt in een reusachtige warmwaterbuffer van 1 miljoen liter opgeslagen. Die warmte wordt ’s nachts gebruikt om de serres te verwarmen. De CO2 die in de verbrandingsgassen zit na de verbranding van het aardgas, wordt eerst gezuiverd en daarna via een grote buis naar de serres gezogen en via darmen tussen de planten in de serre verspreid.
Het toedienen van CO2 gebeurt enkel overdag, wanneer er voldoen licht is. Om verbranding te voorkomen geeft men maximaal 2000 ppm CO2. De CO2 wordt uit de rookgassen gehaald en gezuiverd via een rookgascondensor. Deze koelt de lucht af waardoor er nog meer rendement wordt gehaald.
Overdag wordt het overschot aan elektriciteit doorverkocht aan de elektriciteitsmaatschappij en ‘s nachts nemen ze elektriciteit van de maatschappij omdat dit goedkoper is door minder verbruik ‘s nachts. Naast de motor staat ook een geïsoleerde watertank voor opslag van 1 miljoen liter warm water. Deze wordt opgewarmd door de motor zelf en door het afkoelen van de uitlaatgassen. Voor het verwarmen van de serre is er in principe is genoeg warm water om de nachten en de weekends te overbruggen. Men laat de warmtekrachtcentrale ’s nachts en in het weekend niet draaien omdat de stroom van het net dan goedkoper is.
De oogst gebeurd vrij snel omdat het veelal automatisch is. Eerst worden de chrysanten met wortel en al uit de grond getrokken en in bundels van 5 op de transportband gelegd. Daarna worden de planten via band naar het hoofdpad gevoerd. Op het einde van de transportband zit een elektronisch oog. Als de bundel chrysanten voor het oog komt, dan wordt het onderste deel afgesneden en het onderste deel van de stengel ontdaan van bladeren. Daarna wordt de bundel machinaal opzij geschoven en daar wordt er een nylon draadje door de machine om de bundel gewonden. Als laatste wordt het boeket met de hand van de machine gehaald en in een plastichoes gestoken, zo zijn de snijchrysanten klaar om naar de bloemenveiling in Brussel gebracht te worden.
Leerlingen 3de graad Tuinbouw
|
|